Want engelen bestaan niet…

‘This… is…temptation.’ De zwoele stem van de voice-over knalt ook deze week weer heel wat huiskamers binnen. Waar de ene na de andere talkshow het veld moet ruimen wegens tegenvallende kijkcijfers, is er één programma dat week na week keihard scoort: Temptation Island.

Ouderwets thuis voor de buis

Donderdagavond, klokslag half 9 zit Nederland ouderwets voor de buis, knus, zoals we dat vroeger deden bij de Ron’s Honymoons Quiz. Nieuwe tijden wel, want deze keer is het kleine bakje chips vervangen door een volwassen zak én kijken we met een heel andere intentie. Zwijmelden we vroeger mee met de verliefde kandidaten van vader Ron dan is anno 2019 het doel van zoon Rick juist om die liefde te breken. Want hoe overleef je de verleiding van tien geselecteerde dames of heren die precies je type zijn, op een tropisch eiland, genietend van een cocktail? Exact. Niet. En dat is precies wat we zo leuk vinden.

Temptation Island is het ‘Ter land, ter zee en in de lucht’ van deze tijd

Temptation Island is het ‘Ter land, ter zee en in de lucht’ van deze tijd. We kijken niet om de kandidaten de bel te zien halen, maar om ze te zien falen. Het is als de eerste ronde van Idols, maar dan uitgemolken tot een heel seizoen.

Samen lachen om de problemen van een ander stel

We zien mensen afspraken maken die ze – verdraaid door de montage of opgehitst door productie – binnen no time overboord gooien. En zo is vanaf het eerste kampvuur de rollercoaster naar een regelrechte breuk begonnen. Ongegeneerd lui leedvermaak, want de probleempjes in je eigen liefdesleven verbleken naast die falende relaties op het scherm. Er is niks zo helend als samen lachen om de problemen van een ander stel.

Wreed? Verre van, want ook de deelnemers hebben vaak een eigen agenda. Maar met Rick Brandsteder als presentator van een show die liefdesverdriet afdwingt, valt de appel toch verder van de boom dan je zou denken. En de nieuwe verliefdheden? Die duren uiteindelijk akelig kort. Logisch ook, want engelen bestaan niet. Ook niet op een tropisch eiland.

Thierry’s Vip-deck en de kracht van taal

Volgens Jesse Klaver, een van de winnaars van gisteren, gingen deze verkiezingen over klimaat. Dat zou mooi geweest zijn, maar kijkend naar de exitpolls lijkt de realiteit me vele malen minder idealistisch: deze verkiezingen werden bepaald door taal. Want alleen met het argument ‘tegenstem’ kom je er niet.

Vaag verhaal

Waar de VVD hun retoriek illustreerde met Nederland als ‘het kwetsbare vaasje’, bleek die metafoor breekbaarder dan gehoopt en waar de PVDA en D66 dachten te kunnen scoren met holle frases als ‘samen vooruit’ en ‘nu vooruit’ (waar zit dat onderscheidend vermogen?), koos het CDA zelfs voor een slogan als ‘gewoon tussen de mensen’. In een tijd waarin niemand gewoon wil zijn, maar vooral heel bijzonder, is het geen verrassing dat kiezers daar niet collectief warm voor lopen.

Real talk

De winnaars van gisteren pakten het anders aan: zij kozen voor de uplifting variant of voor de wat Nederlandsere real talk. Dat laatste was het geval bij de winnaars van vorige verkiezingen. Zo zette GroenLinks haar zegetocht in de linkse hoek voort door op ooghoogte met haar kiezers te communiceren, werd Marianne Thieme met haar echte verhalen zonder te hinten op politieke overnames beloond met duurzame groei en vond ook 50 Plus aanhang in de achterban die op hen lijkt. In een wereld waarin fakenews moeilijk van echt te onderscheiden is, wint voelbare authenticiteit het van gestileerde nuances.

Kom op mijn Vip-deck

De grootste klapper maakte echter de nieuwkomer Forum voor Democratie. En misschien wel – zeker gezien de miljoenen stemmers die de weg naar deze partij vonden – helemaal niet bij de achterban die zo op ze lijkt. Wat is dan het geheim? Is het de tegenstem die een dikke middelvinger vormt naar het establishment? De afschuw die de Nederlanders voelen bij het bestaande beleid? Vast, maar met dat in het achterhoofd hadden ook volkspartijen SP en PVV sterker moeten scoren. En dat is niet het geval.

Misschien zit het hem veel meer in die – volgens sommigen zo bewonderenswaardige en anderen zo irritante – uplifting taal. In die halfbakken Latijnse constructies, larderende zinnen en afgestofte voorbeelden uit de Oudheid. Door de hand uit te steken naar iedereen op een hoorbare elitaire manier (wie had voor gisteren van de Uil van Minerva gehoord?), lijkt Baudet te zeggen: kom op mijn Vip-deck. Ook jij mag erbij, want jij bent bijzonder. Uplifting dus en laat dat nou prima passen in een tijd waarin normaal zijn allang niet meer genoeg is.

‘We’ houden niet van elitair, van achterkamertjes, van clubjes die niet de onze zijn, tot we worden toegelaten. We vinden het Boekenbal ‘stom’ tot we zelf een kaartje krijgen, vinden Vip-decks arrogant tot het dikke koord zich met een glimlach voor ons opent en precies dat lijkt Forum te bieden: geen alternatief voor de gevestigde orde, maar een kans om het zo verafschuwde elitaire elan eindelijk binnen handbereik te brengen.

Niet omdat het kan, maar omdat het moet

Internationale Vrouwendag. Een dag die gelukkig al tijden op de kalender staat, wereldwijd. Niet omdat het kan, maar omdat het moet. In mijn zelfgecreëerde omgeving (denk aan de mensen die je volgt op Insta en de infobubbel die dat produceert) maken vrouwen de dienst uit. Ik volg de meiden die bikkelen, die gaan voor hun dromen en die selfmade zijn. Zij die ondanks tegenslagen stappen zetten en zich niet aanpassen aan de ideeën die de rest van de maatschappij nog heeft. Ze gaan voor goud en anders niet. Maar die bubbel geldt niet overal.

Zo werkt mijn schoonmoeder een paar uur per week in de horeca. Gewoon, omdat ze dat heel gezellig vindt en graag bezig is. Niet omdat het moet, maar omdat het kan. Daar krijgt ze natuurlijk voor betaald. En wel 50 cent per uur minder dan haar mannelijke collega’s. Twee kwartjes. Scheelt bijna niks, dat was vroeger wel anders, zou je zeggen. Maar het verschil is er en daarom is Internationale Vrouwendag niet zomaar een hype om aandacht te trekken, maar een noodzakelijk kwaad om recht te trekken wat scheef is.

En dan hebben we het over Nederland, maar er zijn plekken op de wereld waar ze nooit van Internationale Vrouwendag gehoord hebben, terwijl het daar om meer gaat dat die twee kwartjes. Daar gaat het om fundamentele mensenrechten, kans op onderwijs, op een sociale status, op werk in zijn algemeenheid of om basic needs, zoals gezondheidszorg en soms zelfs recht op leven.

Ja, mijn timeline wordt ook overspoeld met girlbosses die vandaag hun sisterhood vieren en ergens klinkt dat te populair om serieus te nemen. Maar dat is de bubbel die ik heb gekozen te volgen. It ain’t the real world. En onze stem moet klinken voor hen die stil zijn, niet omdat ze dat kunnen, omdat het nog moet.

5x: tips om succesvoller te worden als schrijver

Doorbreken als schrijver of er succesvol in zijn, is geen makkelijke opdracht. De concurrentie is moordend, steeds meer mensen lijken Netflix te verkiezen voor een goed boek (of lijkt dat maar zo?) en last but not least: een knettergoed boek schrijven is ook zo eenvoudig niet. Hoe vergroot je dan je kansen om succesvol(ler) te worden als schrijver? Ik geef je mijn 5 tips!

1. Ken je kracht, investeer in de rest

Het begint allemaal – nog steeds en gelukkig maar – bij het goed vertellen van een mooi verhaal. Wat de statistieken of geruchten je ook mogen vertellen (ja, het helpt om BN’er te zijn): talent en ambacht zijn de basis van een carrière als schrijver. Zonder dat gaat het echt niet gebeuren. Gelukkig heb je daar invloed op.

De vorm die je kiest, je stijl, de beheersing van elementen als spanning, structuur, inleven in personages en dialoog, zijn belangrijk voor het schrijven van een mooi boek en een deel daarvan is zeker te ontwikkelen. Zonder een stevige dosis talent wordt je nooit een topper, maar door je talent en je skillset te ontwikkelen krijg je niet alleen meer plezier in het schrijven (want je ziet je vooruitgang), je kansen om succesvol te zijn en meer lezers te vinden groeit ook met de dag. Investeren dus! Zeker in de dingen die je van nature niet zo leuk vindt. Dus ben je niet goed in dialoog, maar wel in personages of perspectief? Werk dan met verschillende perspectieven, maar doe een korte cursus voor het verbeteren van je dialogen. Een goede auteur heeft zijn bijzondere kenmerken, maar is in de basis ook een sterke allrounder. Meer leren over de basis van schrijven of gevorderde schrijftricks? Ik help je graag verder in laagdrempelige instagramcursussen, e-cursussen of korte effectieve persoonlijke trajecten zodat jij kan groeien.

2. Kies een niche: specialiseer je

Toen ik begon met schrijven, wilde ik het liefst alle genres proberen en laten zien dat ik van alles kon. Stiekem wil ik dat nog steeds, want ik hou ook echt van meerdere vormen en vind alles interessant, maar ik heb ook geleerd dat dat niet altijd even handig is als je succesvol wilt worden. Datzelfde geldt voor de keuze van de onderwerpen waar je over schrijft. Om lezers te vinden en te behouden, is het belangrijk om een lijn te kiezen in je werk. Dat geldt zowel voor genres als voor onderwerpen of thema’s waarover je schrijft. Door een sterke rode draad aan te brengen in je werk, word je interessanter voor uitgevers (die willen graag oeuvreauteurs met wie ze een publiek kunnen opbouwen) en voor enthousiaste lezers die graag meer willen. Kies dus een niche en focus daarop, specialiseer je, hoe lastig dat ook is. Op die manier kun je ook een ontwikkeling doormaken die de diepte in gaat, in plaats van de breedte. En wil je freewheelen, dat kan altijd later nog of geniet daarvan in je vrije tijd.

3. Omarm kritiek: die van jezelf en die van de ander

De enige manier om succesvoller te worden als auteur is om te leren omgaan met kritiek, zowel met je innerlijke criticus, als met meningen van anderen. Waarom? Kritiek kun je niet voorkomen – als je publiceert, hebben mensen daar een mening over – dus je kunt het maar beter in je voordeel gebruiken. In mijn geval valt de kritiek van lezers gelukkig mee. Ik koester de complimenten en zie het als beloning, maar dat moment komt pas na heel wat kritiek vooraf. Die begint al bij mezelf. Je hebt dagen dat je naleest wat je hebt geschreven en denkt: ‘hoe heb ik dit gisteren goed kunnen vinden?’ en er zijn dagen dat je niet eens wilt beginnen omdat je denkt ‘het lukt toch niet’. Writersblock, schrijfangst, hoe je het ook noemt, het overkomt ons allemaal. De enige oplossing: erdoor heen breken. Accepteer dat de twijfel erbij hoort en dat dat een soort slijpsteen is voor je werk: door kritisch te kunnen zijn op jezelf, wordt je werk beter. Heb je jouw eerste versie af, dan zijn er proeflezers en redacteuren die met commentaar komen. Leuk? Verre van, want op dit moment in het proces ben je als schrijver nog erg kwetsbaar. Maar proeflezers en redacteuren zijn goud waard. Zij filteren de fouten die jij over het hoofd zag, schijnen hun licht op de zwakke plekken en geven jou de kans om die te verstevigen voor het te laat is. Kritiek krijgen is nooit leuk, maar als je weet dat die wordt geuit om jou vooruit te helpen (en gaat over je werk, niet over je persoonlijkheid), dan is het een waardevolle brandstof om mee te werken. Vind je dit lastig? In september starten schrijfcoach Eveline Broekhuizen en ik met een speciale ‘Stop dreaming, start writing’-cursus via Instagram waarin we je helpen om je mindset te veranderen en je innerlijke criticus te verslaan.

4. Stel doelen, op alle fronten

Een succesvolle auteur heeft doelen. Hoe je die stelt, dat bepaal je zelf en wat voor soort doelen dat zijn natuurlijk ook. Maar doelen helpen, net als deadlines, omdat we als mens veel gerichter en gemotiveerder kunnen werken als we weten waarvoor we het doen. Heb je nog geen uitgever, maar wil je er een, dan zou dat een doel kunnen zijn. Heb je nog nooit een boek geschreven, maar staat dat al jaren op je bucketlist: maak er een doel van. Wil je een verhalenwedstrijd winnen: doel!

Je kunt in het stellen van doelen op verschillende manieren werken. Voor mij werkt het goed om van groot naar klein te werken. Begin met een stip op de horizon: wat is je ultieme doel. Maak dat zo concreet en zichtbaar mogelijk voor jezelf. Zet dan tussendoelen. Wat heb je nodig om daar te komen. Markeer die tussendoelen als mijlpalen en pluis dan ook weer de stappen uit die je moet zetten om die te bereiken. Zo is die carrière opbouwen of dat boek schrijven geen marathon meer, maar een stapel sprintjes: veel overzichtelijker en motiverender. Maak daarin ook onderscheid in de doelen waar jij invloed op hebt (inputdoelen: wat doe je om die doelen te bereiken, bijv. een cursus volgen of een dagelijks wordcount) en de doelen die het resultaat belichamen dat je wilt bereiken (outputdoelen, zoals bijv. een contract, het winnen van een wedstrijd of aanschuiven bij DWDD). Waarom is dat belangrijk? Outputdoelen geven je motivatie en visie, inputdoelen bieden je controle en de brandstof om te blijven werken.

5. Promoot jezelf, niet alleen je werk

Nog een tip om succesvol te zijn als auteur: promoot jezelf, niet alleen je werk. Ook zo’n les die ik zelf in de praktijk heb moeten leren. Als debutant kent niemand je (en trust me: bij boek 2 of 3 is dat ook nog vaak het geval), dat betekent dat je niet ‘op naam’ gekocht wordt. Om die reden en omdat je hartstikke trots bent op je werk, schuif je dan je boek naar voren in je promotie. Logisch, maar niet handig als je meer wilt worden dan een eendagsvlieg, want je boek heeft maar een beperkte levensduur. De markt wordt dagelijks overspoeld met nieuwe feelgoods, young adults, thrillers en non-fictie, dus voor je het weet is jouw trots ‘last season’. Je naam, die hou je en uiteindelijk wil je dat mensen jou ook gaan lezen als auteur, dus vergeet jezelf niet te promoten. Hoe gek dat ook klinkt, personal branding is als auteur van levensbelang. En daar helpt dat kiezen van een niche dan ook weer bij, dat helpt bij de herkenning.

Meer leren over schrijven? Check schrijfhulp voor alle opties of volg me op Youtube of Instagram.

Ongemak

De zaal gonst. Gekuch verstoort het plichtmatige applaus. Het is maandag 25 februari en het Dolby Theater is in shock.

‘We moeten iets’ zal het productieteam achter de Oscars hebben gedacht toen ze de zoveelste editie vormgaven. Want laten we eerlijk zijn, ook zij weten dat een avondvullende uitzending waarin collectieve hoop per beeldje wordt omgezet in teleurstelling, wel wat vuurwerk kan gebruiken. Het jaarlijkse ritueel moet het tegenwoordig hebben van een goede rel en de rassenkaart of de metoo-discussie konden dit jaar moeilijk in reprise.

De oplossing? Het podium vrijmaken voor het duo Bradley Cooper en Lady Gaga voor een vertolking van hun prijswinnende duet.

Deze performance bleek de klapper van de avond. Niet alleen omdat de twee in een loepzuivere uitvoering lieten horen hoe verdiend hun Oscar was, maar ook omdat alle clichés van de showbizz van hen afgleden. Het optreden was intiem en met de ogen van miljoenen kijkers op hen gericht, excelleerden de twee met gemak. Precies dat gemak waarin de kunstenaar zich van de criticaster onderscheidt. Het duo gaf wat de uitzending nodig had: vuurwerk zonder opsmuk en liefde voor het vak en elkaar.

Was er sprake van een vonkenregen? Absoluut. Gaga en Cooper hebben dat in alle interviews die ze gaven rond de film bevestigd. Er gebeurde iets toen ze elkaar zagen, met elkaar werkten en ze zijn van elkaar gaan houden. Net zoals de rest van de ‘Star is born’-family’. Dat vinden zij niet raar, maar wij, want liefde komt in meer vormen dan wij vakjes hebben.

Werden de Oscars daardoor ongemakkelijk? Jazeker. Niet vanwege het optreden van deze sterren, maar vanwege de sluwe opzet van het productieteam en de te verwachten kritiek achteraf. Want wat buiten onze kaders valt, veroordelen we. Daarmee zat het ongemak van de Oscars niet in de klanken van het duet, maar tussen de oren van de toeschouwers. Cooper en Gaga zongen ‘Shallow’, een lied dat het puriteinse commentaar van het publiek perfect samenvat.

 

 

Met de billen bloot

‘Ik snap het gewoon niet. Waarom moet je jezelf ook zo nodig neerzetten in het boek?’ Mijn moeder kijkt me geërgerd aan. ‘Dat doen journalisten toch ook niet, die interviewen de gast, die laten hun eigen ervaringen erbuiten. Zo hoort dat.’

Ik zucht. Ja, zo hoort dat. Dat zal best, maar het precies doen zoals het hoort, dat vind ik niet zo interessant. Dat doet de rest al. Ik kijk naar mijn evenbeeld van dertig jaar ouder. Ik weet dat ze niet gevoelig zal zijn voor dat argument. Het anders doen, iets nieuws bedenken, waarom zou je zulk soort risico aangaan? En hoeveel we ook op elkaar lijken, op dat vlak verschillen we behoorlijk.

Ik probeer het nog eens technisch uit te leggen, misschien is ze daar gevoeliger voor. ‘Weet je, mam, het zit zo: alle mensen die ik geïnterviewd heb, zijn mega open geweest. Maar echt open. Ik mocht alles vragen, ze deelden hun meest bijzondere anekdotes, moeilijke beslissingen en diepste twijfels en gevoelens. Het was van de ene kant extreem bijzonder en voelde soms ook wel bezwaard, want hoe vat je zulke ervaringen in de juiste woorden? Ik vond het alleen maar fair als ik mijn eigen gedachten ook zou delen. Eerlijk oversteken.’

Ze drinkt aan haar thee, wensend dat ze het onderwerp niet had aangeroerd. Dat zie ik aan haar gezicht. ‘Die mensen staan er onder pseudoniem in,’ zegt ze mokkend, ‘jij niet. Dat vind ik toch anders, dan ga je zelf toch meer met de billen bloot.’

Ik denk erover na. Met de billen bloot. Misschien is dat het wel. Dan wordt het immers pas interessant, als je risico’s neemt. Maar hé, zoveel staat er toch niet in. Het gaat om de mensen in de interviews. Niet om mij. Zij nemen het podium in, ik sta hooguit in het hoekje van het toneel en kijk mee. Geef af en toe commentaar, niet meer dan dat. Dat moet zij toch ook zien? Als een old school verteller in een klassiek stuk. Dat was ook een personage.

‘Door mijn eigen ideeën te delen, kom ik hen tegemoet en de lezers ook,’ ga ik verder met mijn tweede argument. ‘Zij moeten die gedachten immers ook hebben. Misschien herkennen ze het verhaal dat ze lezen of vinden ze het juist gek. Door mijn eigen ideeën te delen, kunnen we het eens zijn of niet. Dat geeft stof om over te praten en praten geeft ruimte.’

Ze kijkt mijn vader aan voor hulp. Die weet het, geloof ik, ook niet meer. Hij wil dit onderwerp het liefst helemaal niet bespreken. Veel te ongemakkelijk. Ik probeer hen gerust te stellen. ‘Je hoeft echt niet bang te zijn dat je je moet gaan schamen straks. Eerlijk niet.’

‘Nou dat weet ik zo net nog niet,’ zegt ze koppig. ‘Mensen hebben toch snel een mening.’

‘Ja, dat is zo, maar daar kan ik niets aan doen, die mening hebben ze toch al,’ zeg ik opstandig. ‘Daarom heet het boek ook ‘Ruimte voor liefde’, hè. Om eens uit die die beklemmende kokertjes te komen en misschien eens wat breder te kijken.’

Mijn ouders zwijgen. Even voel ik me weer vijftien. Toen hadden we deze discussies aan de lopende band. Ik wilde zo nodig mijn gelijk halen en hoewel ik dat vaak ook had (just saying ;-)) ging ik wel vaak voorbij aan de relationele kant van die discussie. Doodvermoeiend was ik, maar toen was het meer een spel. Nu gaat het over een onderwerp waar ik wel degelijk gepassioneerd over ben. Het onderdeel waar zij zo ouderlijk bezorgd over zijn, maakt het boek beter, dat weet ik.

‘Bovendien,’ gooi ik nog wat olie op het vuur, ‘moet het er in. Het is het snufje zout in de cake. Een klein element, maar essentieel. Als je dat vergeet, wordt ‘ie minder lekker. Dat geldt voor dit boek ook. Ik schrijf het omdat ik het een belangrijk onderwerp vindt. Omdat ik merk dat veel vrienden het er lastig mee hebben, omdat mensen die single zijn denken dat een lange relatie de heilige graal is – terwijl het dat lang niet altijd hoeft te zijn. Ik vind er iets van en ik heb ook veel geleerd van het boek. Mijn mening bijgesteld, gemerkt dat ik zelf vooroordelen koesterde die volledig onterecht waren. Ik wil dat delen. Dat vind ik belangrijk. Omdat ik oprecht denk dat mensen er gelukkiger van worden als we de krappe kaders van de liefde een beetje oprekken.’

‘Ja, dat snap ik wel. Maar sommige mensen lezen maar stukjes, ze zien die context niet die jij wilt bereiken. Ze lezen selectief.’

‘Snap ik, mam. En dat zij dan maar zo. Ik focus me op de mensen die dit boek snappen. En  diegenen die dat niet doen, die heb je ook. Als jij die tegenkomt, dan stuur je ze maar gewoon naar mij.’

Even breekt een lach door. ‘Jij verandert ook nooit, hè?’

Ik schud mijn hoofd. Concessies doen aan een goed boek schrijven, dat gaat inderdaad niet gebeuren.

‘Met de billen bloot, dus?’ vraagt ze gelaten.

Dan moet ik lachen. ‘Alvast een beetje. En als dat bevalt, dan doe ik een full monty in deel 2.’

Liefs,

joyce spijker

10x onderwerpen uit ‘Ruimte voor liefde’

‘Ruimte voor liefde’ gaat over de liefde, de liefde in deze tijd en hoe we moeten dealen met een eeuwenoud model in een hypermoderne maatschappij. En de wrijving die dat oplevert. Maar het boek stelt niet alleen vragen, het geeft ook antwoorden. Over hoe het anders kan, hoe anderen het doen en stiekem ook een beetje over hoe ik het zelf aanpak en mijn eigen lange relatiereis. Maar…hoe is het boek dan opgebouwd? Nou: zo :-)! Een sneak peak van de hoofdstukken van ‘Ruimte voor liefde’.

Hoofdstuk 1: Singles

Het eerste hoofdstuk gaat over: singles. Want waar single zijn lang een taboe was (en in sommige delen van ons land nog steeds als ‘tussenstation’ wordt gezien waarin iedereen je het liefst zo snel mogelijk koppelt), is de tijd aan het veranderen. Natuurlijk zoeken we nog steeds liefde, maar een vaste relatie is allang niet meer de Heilige Graal waar ons leven om draait. In een steeds individualistischere samenleving draait het vooral om Geluk. En dat kun je in de 21e eeuw prima bereiken als alles om jou draait. Hoe mensen hun single life ervaren, wat ze moeilijk vinden of waarom ze juist graag voor altijd alleen (lees: niet eenzaam) blijven, lees je in dit hoofdstuk. Deze kun je trouwens ook al gratis downloaden als je nieuwsgierig bent!

Hoofdstuk 2: Omgeving

Je liefdesleven is vaak al ingewikkeld genoeg. Zeker als je voorkeuren ook nog eens afwijken van de heersende norm. Wil je best meerdere relaties tegelijk of val je op mensen van hetzelfde geslacht? Meestal moet jij daar niet alleen even aan wennen, je omgeving ook. En dan kan dat nog wel eens lastig zijn, want tussen generaties kan er heel anders gedacht worden over de liefde en tussen (of binnen) verschillende culturen ook. En zo is je omgeving soms een grotere factor in je liefdesleven dan je zou willen.

Hoofdstuk 3: Open relatie

Liefde met je partner, seks met de rest van de wereld. Niks vreemdgaan, gewoon buiten de deur feest vieren met toestemming. Zo zien veel mensen een open relatie. Als ze hem zelf niet hebben, want in werkelijkheid blijkt het veel genuanceerder te liggen. Hoe het dan echt zit, hoe je er optimaal van kunt genieten en welke highs en lows je relatie ervan kan krijgen, delen mensen in dit hoofdstuk.

Hoofdstuk 4: Jaloezie en onzekerheid

Wie heeft er geen last van? Dat groene monster dat zich af en toe in je vastbijt en het beklemmende gevoel ‘ben ik wel leuk genoeg’? Welke relatievorm je ook hebt, dit gevoel is eeuwenoud en kennen we allemaal. Tijd dus om uit te vissen hoe het werkt, hoe je ermee kan dealen en op welke manier je het een plek kan geven in je liefdesleven.

Hoofdstuk 5: Swingen

Swingers. We lezen en zien er vanalles over…maar klopt dat beeld wel met de realiteit. En hoe doe je dat: samen met je partner én anderen erotische avonturen beleven? Is dat niet super ingewikkeld? Hoe doe je dat als je jaloers wordt en hoe ziet een swingersavond er dan echt uit? De mensen in dit hoofdstuk leggen er alles over uit en je leest ook waarom juist deze vorm aan populariteit wint en hoe dat komt.

Hoofdstuk 6: Vreemdgaan

Niemand zegt het te doen, maar de werkelijkheid is anders. Iedereen kan zo vijf mensen opnoemen waarvan je weet dat ze weleens vreemdgaan. Misschien is het jezelf ook gebeurd. Ondanks dat we het steeds sterker veroordelen, is het ook meteen verbonden aan de keuze om monogaam door het leven te gaan en ligt de verleiding op de loer. In dit hoofdstuk praat ik met vreemdgangers en bedrogenen en kijken we wat de oorzaken zijn, waarom we vreemdgaan nu erger vinden dan vroeger en hoe je relatie vreemdgaan kan overleven.

Hoofdstuk 7: Polyamorie

Een relatievorm waar veel minder mensen ervaring mee hebben, maar die enorm interessant is, is polyamorie. Meer relaties op hetzelfde moment hebben of een relatie met meer mensen op hetzelfde moment. Want hoe kan je alles vinden in een partner? En wie zegt dat liefde minder wordt als je het deelt? In dit hoofdstuk mensen die kort en heel lang samen zijn (meer dan 43 jaar!) en de route die zij af hebben gelegd om lief te hebben zoals zij dat graag willen.

Hoofdstuk 8: Monogamie

Deze kennen we allemaal, want ‘dit is zoals het hoort’, toch? Monogaam zijn, de prina op het witte paard en voor eeuwig gelukkig. Maar even serieus: hoe doe je dat dan?! Hoe hou je het vol, voorkom je sleur en hoe krijg je het voor elkaar om elkaar nog steeds – na al die jaren – de moeite waard te vinden. Waarom dit ideaal zo lastig is en hoe het sommigen nog steeds heel goed leuk, lees je hier. Met tips om het zelf ook te doen.

Hoofdstuk 9: Toekomst en trends

En dan de toekomst. Wat gaat die brengen? Dit boek is heel erg van nu. Van deze tijd, maar deze tijd verandert onwijs snel en technieken en trends volgen elkaar in een steeds hoger tempo op. Wat betekent dat voor de manier waarop we relaties aangaan? Hoe vinden we nog de liefde? Dit hoofdstuk gaat in op de rol van techniek en de trends die we mogen verwachten.

Extra: mijn eigen verhaal

Ik ben 17 jaar samen met mijn man. Dat is op dit moment exact de helft van mijn leven. De norm, maar als ik naar mijn omgeving kijk, ook best uitzonderlijk. In dit boek ging ik op zoek naar de verhalen die ik interessant vond en deel ik ook mijn gedachten met je. Mijn eigen ideeën, fuckups en succesformules. Een beetje dan en vooral tussen de regels door, want dit boek gaat niet om mij, het gaat om jou en om de onwijs mooie verhalen die ons – ook mij – iets leren.

Wil jij het eerste hoofdstuk van ‘Ruimte voor liefde’ al helemaal lezen? Dat kan! Download hem gratis hier! En kun je dan niet meer stoppen, pre-order het boek dan alvast, zodat jij hem het eerste in je digitale of fysieke brievenbus krijgt in februari. Naar welk hoofdstuk ben jij het meest benieuwd?

‘Vechten voor je huwelijk’ de trend van 2019?

Het jaar is nog geen maand oud en het ene na het andere bericht over huwelijksproblemen in bekend Nederland vliegt ons om de oren. Wendy en Erland waren de eerste die onlangs toegaven problemen te hebben, Nicolette Kluijver en haar man Joost hebben al bijna afscheid genomen en ook het huwelijk van Jody Bernal en zijn Melissa zit in zwaar weer. Is dit toeval of is ‘vechten voor je huwelijk’ de nieuwe trend?

Waarom we Arend en Aaltje niet gemakkelijk nadoen

We willen het nog steeds allemaal: die eeuwige, ene allesverslindende liefde die nooit overgaat. Om die liefde te bewijzen – aan elkaar en de buitenwereld – trouwen we en beloven we elkaar eeuwige trouw. Prachtig, maar hoe reëel is dat altijd en eeuwig nog in een omgeving die in recordtempo veranderingen op ons afstuurt?

Want waar LINDA.nieuws, de NOS, de Libelle en heel wat landelijke kranten vandaag melding maakten met het heuglijke nieuws dat Arend (102) en Aaltje (100) uit het Drentse Ruinen met hun 81 (!) jaar getrouwd het langst getrouwde stel van Nederland zijn, lijkt dat voor jongere generaties steeds minder weggelegd. Het feit dat dit nieuws bijna overal in de rubriek ‘opmerkelijk’ terecht komt, is veelzeggend. Maar waarom dan?

Natuurlijk, we trouwen later en moeten dus al behoorlijk oud worden om die 81 jaar samen vol te maken, maar er speelt meer. Zo hebben we anno 2019 wat extra factoren om rekening mee te houden:

1. Meer keus is meer stress

Aaltje en Arend vast wat minder matches dan ons Tinderaccount.

2. Meer te doen

En hebben stellen van nu met kleine kids, twee carrières en een agenda vol sociale verplichtingen ook net iets minder tijd voor elkaar dan vroeger gebruikelijk was.

3. Relatie is optioneel om te overleven

Tel daarbij op dat je vroeger het als vrouw alleen behoorlijk zwaar had (zowel economisch als sociaal), tegenwoordig is single zijn (ook als ouder) meer dan prima en kijkt niemand je meer meelijwekkend aan als je hebt gevochten voor je huwelijk en hebt ‘verloren’, want dat opent vanzelf weer nieuwe deuren of geeft je de kans om jezelf te leren kennen. Onze maatschappij is steeds individualistischer aan het worden, ook in de liefde.

4. Onze verwachtingen zijn torenhoog

En of dit vroeger anders was, dat moeten we Arend en Aaltje maar vragen, maar als je naar onze verwachtingen van nu kijkt, dan moet de liefde van ons leven wel heel veel boxen op onze wensenlijst aftikken. Van beest in bed tot beste vriend, van financieel onafhankelijk tot sociaal wonder, hij of zij heeft het ideaal gezien allemaal.

5. Onze aandachtspanne is kort(er)

En dan nog iets…het nadeel van een wereld waarin alles razendsnel gaat: we zijn ook extreem snel verveeld en uitgekeken. Niet alleen op je favo jeans of tv-programma, maar ook een partner kan ons steeds minder lang boeien. Ligt dat aan Wendy, Erland, Nicolette, Joost, Melissa, Jody of jou en mij? Nope, maar wel aan de tijd waarin we leven.

Van vluchten naar vechten?

De problemen die we hebben met langere relaties zijn dus helder en het aantal scheidingen is nog nooit zo hoog geweest (40%), maar met de nieuwe trend lijkt ook onze vechtlust aangewakkerd en raken we steeds meer bewust van het feit dat die ‘flawless’ relatie of partner niet bestaat.

Relatietherapeute Esther Perel geeft als tip om vooral niet altijd de zaken vanuit jouw eigen perspectief te kijken. Juist in deze individualistische maatschappij gaan we uit van het ‘ik’ in plaats van het ‘wij’. Erger je je aan je partner, bekijk situaties dan ook eens vanuit zijn of haar kant. En laat irritaties niet opstapelen, want voor je het weet moet je vechten voor je huwelijk. En hoewel dat bijna hip lijkt, is voorkomen toch beter dan genezen.

Met af en toe een robbertje vechten, zijn er – uitzondering of niet – over 10, 20 of 50 jaar vast nog nieuwe Arends en Aaltjes te vinden. O en nog een extra tip van de recordhouders zelf: ‘Vertrouwen en iedere dag zoenen,’ helpen in elk geval ;-).

Tips, verhalen, uitleg en tricks in ‘Ruimte voor liefde’

Wil je meer te weten komen over hoe mensen de liefde aanpakken in deze tijd en welke oplossingen, tips en tricks (ervarings)deskundigen geven over de liefde? Bestel ‘Ruimte voor liefde’ dan nu! Lees je direct alvast het eerste hoofdstuk gratis!

Foto: Linda.nl, oorspronkelijk: ANP

Ruimte voor liefde? Wat is dat voor titel?

Ik zal beginnen met een bekentenis. Mijn nieuwe boek ‘Ruimte voor liefde’ heet nog niet zo lang zo. Sterker nog, het heeft van begin af aan – een half jaar geleden tot nu – heel anders geheten: ‘Terug naar de liefde’ en de switch is pas kort geleden gemaakt. Waarom ik dat veranderd heb en hoe het ‘Ruimte voor liefde’ is geworden, hebben we te danken aan de proeflezers.

Back in the days

Zes jaar geleden wilde ik een boek schrijven over ‘openminded’ relaties. Het idee kwam eigenlijk van Sjoerd, mijn man, en tot een half jaar geleden hebben we het project binnenskamers het ‘openminded boek’ genoemd. De invalshoek veranderde eens in de zoveel tijd, ik heb zelfs gedacht het samen met een andere schrijver te maken en ik heb jaren gesprokkeld tot ik alle juiste deelnemers bij elkaar had. Toch bleef ‘het openminded boek’ de werktitel. Tot ik in juni vorig jaar echt begon met interviewen en schrijven. Toen viel me een rode draad op in de verhalen, want hoe openminded en verschillend ze ook waren, ze waren allemaal terug te voeren op het belangrijkste kenmerk van allemaal: iedereen ging terug naar de liefde.

Van ‘Terug naar de liefde’…

Dat was dus de titel, ‘Terug naar de liefde’, als in ‘terug naar de basis, daar waar het allemaal begint’. Ik moest er even aan wennen en vond vooral de vertalingen fantastisch (ik bedoel, hoe kun je Back for love, Zuruck zur Liebe en Retour l’amour weerstaan?) en de titel nestelde zich in mijn hoofd. Maandenlang. Tot een aan aantal proeflezers zich eraan begon te storen. Opmerkingen als ‘je boek is supermodern en de titel klinkt ouderwets’ en ‘het boek is fantastisch, maar die titel vind ik de verkeerde indruk geven’ kwamen steeds vaker langs. Ja, het dekte de lading, maar pas als je ‘m had uitgelegd. En dat zou nieuwe lezers wel eens kunnen afschrikken. Zonde, maar duidelijk: deze titel moest het veld ruimen. Maar wat dan?

…naar ‘Ruimte voor liefde’

Tot een nieuwe titel kostte moeite, want niks klonk lekker genoeg of matchte daadwerkelijk met de inhoud. En ja, in het Engels klinkt alles beter ;-), maar ook dat was geen optie. Terug naar de tekentafel dus. Letterlijk, want voor de vormgeving had ik inmiddels een nieuwe partij gebeld en gekregen: ROOM. ROOM is de vormgever van LINDA. en maakt de meest prachtige dingen. Ze gaven het concept ruimte, gaven mij ruimte in mijn hoofd om groter te denken en…wat als ik dat nou eens zou gebruiken in de titel? Want het boek is eerder een toekomstwens dan dat het te maken heeft met ‘terug’ en ‘het verleden’ en het geeft juist ruimte aan de liefde, in plaats van dat het de liefde inperkt in de hokjes van ons denken. Het idee is dat we de liefde ruimte geven met zijn allen en de grenzen een beetje oprekken. En zo kwam ‘Ruimte voor liefde’ aan de oppervlakte. En die vertalingen (Room for love, Raum für Liebe en L’espace d’amour) mogen er ook nog steeds zijn. Wat vind jij van deze titel?

Lots of love, 

joyce spijker